Alpha (v.a. 1925)


Synoniem: Alfa


Een Friese krachtpatser voor de export

Uit een kruising tussen Paul Kruger en Preferent ontstond een stevig en duurzaam aardappelras. De kruisingen werden in 1925 uitgevoerd door J.C. Dorst van de Friese Maatschappij van Landbouw (Fries: Fryske Maatskippij fan Lânbou) in Leeuwarden. Zijn werk leverde een late, zeer duurzame, gewilde exportaardappel op: de Alpha. Het ras combineert een hoge opbrengst met grote, regelmatige knollen, weinig kriel en een matig zetmeelgehalte. De licht geelvlezige, rondovale aardappelen zijn bloemig en goed van smaak. Een ras dat niet snel van z’n stuk raakt – ook niet als het een lange reis achter de rug heeft. Export gebeurde met name naar Egypte, Mexico en Malta, wat in de jaren 80 terugliep vanwege het sluiten van grenzen van enkele ontvangende landen , waarmee ook het areaal van dit ras toen inzakte.

Langzaam op gang, sterk in het veld

De Alpha neemt rustig de tijd om zich te ontwikkelen, maar vormt uiteindelijk fors, stevig loof dat eerst wat open staat en later goed dekkend wordt. Een flinke stikstofbemesting helpt om het beste uit dit plantje te halen. Wie het ras voor pootgoed teelt, doet er goed aan om grote poters te gebruiken, voor te kiemen en vrij dicht te poten. Het ras is behoorlijk droogtebestendig en weinig vatbaar voor schurft, al vraagt de gevoeligheid voor kringergheid en het X-virus de nodige aandacht. Ook is de Alpha iets vatbaar voor Phytophtora in het loof. Maar daar staat tegenover dat hij onvatbaar is voor stippelstreepvirus en wratziekte. Al met al is het een productieve, duurzame aardappel met een uitgesproken exportkarakter.

shutterstock_57740893_aardappelen_aardappelplant (1)

Teeltspecificaties


Share:
email
Alpha (v.a. 1925) | Erfgoedrassen